Goede vorm leidt niet tot gehoopt resultaat in La Course

Vijf dagen na de Giro Rosa stond vrijdag voor het peloton de volgende grote wedstrijd op het programma; La Course. De door de ASO georganiseerde wedstrijd ging ditmaal over het parcours waar in de middag de renners van de Tour de France hun tijdrit rijden. Vijf keer moesten de vrouwen die ronde afleggen. “Het was een pittig parcours”, vertelt Janneke. “Maar wel één waarop nog best wat rensters uit de voeten konden en de koers dus hard gemaakt moest worden.”

Zelf reed Janneke de wedstrijd met een prima gevoel. “Ik ben goed uit de Giro gekomen en ben blij dat de benen weer goed waren. Het is toch altijd maar weer de vraag hoe je er op reageert. Gisteren voelde ik me nog niet super, maar vandaag was het wel goed. Ik kon goed mee. Dat is iets waar ik blij mee ben en wat ik ook meeneem richting de volgende drie wedstrijden in Spanje.”

Over het koersverloop was Janneke minder tevreden. “In de Giro hebben we Marianne Vos vier keer zien winnen, telkens met een soortgelijke finale. Annemiek van Vleuten ging er in de op één na laatste ronde vandoor en maakte zo de koers hard. Dat hadden we nodig, want dan speel je de CCC ploeggenotes van Marianne uit en kun je meer het spel spelen. Maar na die aanval en toen Annemiek’s ploeggenote Amanda Spratt op kop reed, viel het volledig stil.”

Passief koersen
Spratt reed zo’n twintig kilometer solo en werd in het laatste klimmetje, op zo’n 400 meter voor de finish, achterhaald door een ontketende Vos. “Je weet wat voor een finale dit is, met vier tot vijf kilometer recht toe recht aan richting de streep. Ik begreep daardoor de keus van een aantal teams echt niet. Zelf probeerde ik nog weg te rijden, samen met Taylor Wiles van Trek-Segafredo. In plaats van dat anderen mee sprongen of na die aanval weer aanvielen, reed Soraya Paladin het dicht namens Ale-Cipollini en viel het vervolgens weer stil. Dat was denk ik wel tekenend voor het koersverloop.”

Foto: Arne Mill