De laatste schaatsmarathon in de benen

Het is afgelopen. Het is klaar. Het is mooi geweest. Het is maar hoe je het wilt noemen, maar zeker is dat na mijn wielercarrière nu ook mijn loopbaan als schaatsster erop zit. Afgelopen zaterdagavond reed ik mijn laatste marathon. In Groningen, de baan die ik toch wel als mijn thuisbaan beschouw. Gelukkig was er weer publiek toegestaan en dus was ook mijn familie erbij. Een mooiere plek en manier om afscheid te nemen kon ik me niet wensen, net zoals dat eerder bij het wielrennen al was met de Ronde van Drenthe.

De wedstrijd zelf was eigenlijk niet echt een bijzondere. Behalve dan dat ik bloemen mocht ontvangen, er een woordje aan me gericht werd en er ook wat media was. Erg leuk! Maar als het om het schaatsen ging, dan was het een wedstrijd als veel anderen. Het ijs lag er goed bij, waardoor het een snelle wedstrijd werd en er kwam niemand weg. Ik stond als enige van mijn team en dat maakte het lastig, maar ik heb nog wel het één en ander geprobeerd om weg te komen. Met name richting het einde van de wedstrijd deed ik dat, maar er kwamen niet echt gaten.

Voor mijn gevoel neem ik nu niet echt afscheid van de marathon, maar met name van het schaatsen. Het marathonschaatsen heb ik er altijd eigenlijk naast gedaan. Naast het langebaanschaatsen en later naast het wielrennen. Afgelopen week kwam ik nog een foto tegen van mijn deelname aan de Olympische Spelen voor studenten in Turijn. Dat deed me wel realiseren dat ik best een tijdje mee ben gegaan. En ik had nog wel een paar meer wedstrijden kunnen doen, maar met het wegvallen van de wedstrijden op de Weissensee was het voor mij wel klaar. Dan had ik nog een seizoen door kunnen gaan speciaal daarvoor, maar het is nu twee keer op rij afgelast en zekerheid dat het volgend jaar wel doorgaat is er dus niet.

Ik kijk met veel plezier terug op mijn carrière, maar heb wel het idee dat uit de schaatscarrière niet eruit heb gehaald wat erin zat. Pech heeft daar helaas een groot aandeel in gehad. Als juniore zat ik in een heel sterke generatie en won ik met Annette Gerritsen en Ireen Wüst het goud op de ploegachtervolging bij het EK. In het tweede jaar kreeg ik als a-junior echter de ziekte van pfeiffer. Daardoor was het hele jaar om zeep en het heeft me wel een paar jaar gekost voor ik daar overheen was. Je werd dan namelijk ook teruggezet naar een niveau waar je de faciliteiten niet hebt en dat maakt het ook een stuk lastiger.

(Tekst gaat verder onder de foto)

Later ging het weer zo goed. Toen dacht ik ‘Liga is de ploeg voor mij’. Maar dat jaar had ik privé ook wat moeilijkheden, waardoor ik niet lekker in mijn vel zat. Door een combinatie van factoren liep het allemaal niet en daardoor verloor ik mijn plezier ook wel. Er zijn in het schaatsen iedere winter een paar momenten dat je goed moet zijn en als je dat niet bent, is je hele seizoen om zeep. Bij Irene Schouten zie ik nu bijvoorbeeld dat alles klopt. Het fysieke had ze altijd wel, maar mentaal is zo belangrijk. Op de momenten dat het moest kon het vaak niet bij mij.

Daardoor ben ik uiteindelijk ook geswitcht naar de marathon en het wielrennen. Daar kwam de massastart bij en zo heb ik toch echt nog leuke dingen juist meegemaakt. Zoals deelname aan World Cup’s en de WK met Irene. Dat vond ik super leuk! In die tijd had ik alleen niet echt meer een goede groep om me heen om me voor te bereiden. Dan merk je dat je qua snelheid achteruit gaat, waardoor ik het lastig vond om het nog te combineren. Toen ik me door de matrix niet kwalificeerde voor de Olympische Spelen heb ik de volledige focus op het fietsen gelegd. Daar kon ik toen volledig van leven.

Maar laat ik duidelijk zijn; ik heb ook juist heel veel plezier gehad in het sporten en ook het schaatsen. Het sporten heeft me ook gevormd. Dat zie je nu ook wel aan mijn werk bijvoorbeeld. Ik ben er nu ingerold bij Jumbo-Visma, een team dat zowel wielrennen als schaatsen doet. Dat voelt inmiddels al heel normaal voor mij, maar het is toch mooi dat ik die kans krijg.

In het schaatsen heb ik in ieder geval mooie dingen meegemaakt. Wat je nu heel erg mist in het schaatsen zijn de volle stadions. Bij al die NK’s en ook de World Cup vond ik dat onwijs gaaf. Schaatsen in een vol Thialf stadion. Dat waren wel bijzondere momenten. En die Olympische Spelen voor studenten in Turijn waren ook wel heel gaaf. Daarnaast de contacten en vriendschappen die je op doet in de sport. Je bent in het schaatsen, op de langebaan, veel hechter met elkaar bezig. Je traint zoveel met elkaar. Bij het fietsen zie je elkaar vooral bij de wedstrijd. Iedereen gaat daarna weer zijn eigen weg. Ik heb zeker veel leuk dingen beleefd. En als er één ding is dat ik ga missen, dan is het wel het spelletje en de tactiek. Dat is namelijk wat het marathonschaatsen mooi maakt.

Janneke

Foto’s: Persbureau Drenthe